De juiste bandenspanning
De bandenspanning dient bij normaal gebruik om de vier weken gecontroleerd te worden. Bij intensiever gebruik (bijvoorbeeld voor een lange rit, een hoge snelheid of een zware lading) controleert u de spanning best nog eens extra.
Vergeet daarbij het reservewiel niet!
De door de autoconstructeur voorgeschreven bandenspanning staat vermeld in de handleiding van de wagen en/of bijvoorbeeld op de binnenkant van de tankklep. Deze waarde kan evenwel verschillen, afhankelijk van de belasting en de gebruiksomstandigheden. Gemiddeld bedraagt de bandendruk ongeveeer 2,5 bar.
Bij het meten van de bandenspanning moet u met de volgende punten rekening houden:
- De band moet koud zijn wanneer u de bandenspanning opmeet.
- Een verhoogde bandenspanning tijdens het rijden is volkomen normaal en mag niet gecorrigeerd worden.
- De bandenspanning van banden op dezelfde as moet altijd identiek zijn.
- De spanning kan wel verschilen tussen voor- en achteras.
- De ventieldopjes moeten stevig vastgeschroefd zijn zodat het ventiel beschermd is tegen stof en vuil. Zo kunnen lekken voorkomen worden.
- Defecte ventieldopjes moeten onmiddellijk vervangen worden.
Download hier onze luchtdrukbrochure (pdf) met de juiste bandenspanning per merk en model.
Continental Construction segment
Algemeen
Vind een Continental verkooppunt
Nuttige informatie over banden
